Skip Ribbon Commands
Skip to main content
NL FR EN
A
A
A

 Kattenkrabziekte (Bartonella henselae)

 Maladie des griffes du chat (Bartonella henselae)

 Cat scratch disease

  

 

De kattenkrabziekte (‘cat scratch disease’) is een infectieziekte bij de mens die al meer dan 70 jaar bekend is. De mens wordt besmet door een beet of het krabben van een kat, of door in de ogen te wrijven na het strelen van een kat. Ook infectie door een beet van een geïnfecteerde teek of vlo kan niet worden uitgesloten. Dit zou gevallen van kattenkrabziekte kunnen verklaren bij mensen die zich niet herinneren gekrabd of gebeten te zijn door een kat. De rol van honden bij de overdracht van de ziekte is nog niet duidelijk, maar mogelijk vormen zij ook een blootstellingsrisico.

De infectie verloopt over het algemeen onschuldig. Op de plaats van de krab of beet vormt zich een knobbeltje waar vervolgens blaasjes op komen. Ongeveer één derde van de patiënten krijgt koorts, hoofdpijn en een gevoel van algemeen onwelzijn. Ook oogontstekingen en spierpijn kunnen voorkomen. Bij 2% van de patiënten kan de ziekte leiden tot een hersenvliesontsteking. Behandeling is doorgaans niet aangewezen. Bij mensen met een verminderde weerstand verloopt de ziekte vaak ernstiger. Zo kunnen er knobbeltjes en bloedingen in de huid, lever en milt ontstaan wat dodelijk kan aflopen. In deze gevallen is een antibioticabehandeling aangewezen.

De belangrijkste risicogroep zijn mensen die privé of beroepsmatig in contact komen met katten.

B. henselae komt wereldwijd voor. Er zijn, naast B. henselae, ook andere Bartonella species bekend, die ook voor de mens pathogeen zijn, onder andere B. quintana, B. bacilliformis en B. elizabethae.

Surveillance​

Bartonellose is geen meldingsplichtige ziekte in België. De surveillance gebeurt door het gebruik van gegevens verzamelt door twee verschillende bronnen. Sinds 2015 door het nationaal referentiecentrum (NRC) voor Bartonella, namelijk het klinisch laboratorium van  het universitair ziekenhuis St. Luc te Brussel die voorheen al referentielaboratorium was. Vanaf 2014 is Bartonella henselae ook opgenomen in het peillaboratorianetwerk.

In België komt de ziekte voornamelijk bij kinderen en jongvolwassen voor. In Wallonië worden twee tot drie keer meer gevallen gerapporteerd dan in Vlaanderen en twee keer meer dan in Brussel.

Voor meer informatie zie: 

Surveillance van bartonellose in België, 2017

Surveillance van bartonellose in België, 2015-2016

Surveillance van bartonellose in België, 2013-2014

Nuttige informatie

Algemene informatie:​

Informatiefiche Bartonella CDC

Informatiefiche RIVM: LCI-richtlijn Bartonella-infectie

Diagnose:

​​Nationaal referentiecentrum voor Bartonella​​​​​​​​​ ​    

Wetenschappelijk verantwoordelijke: Katrien Tersago​​​​​​​​​​​​​​​​​​

 

La maladie des griffes du chat (« cat scratch disease ») est une maladie infectieuse de l’homme connue depuis plus de 70 ans. La contamination chez l’homme s’effectue généralement soit par morsure ou griffure de chat, soit par frottement de l’œil après avoir caressé un chat. Une transmission par morsure de tique ou de puce infectée ne peut être exclue et pourrait expliquer la contamination de personnes n’ayant pas le souvenir d’avoir é​té griffées ou mordues par un chat. Bien que leur rôle n’ait pas encore été clairement établi dans la transmission de la maladie, les chiens peuvent, eux aussi, potentiellement représenter un risque d’exposition.

L’infection présente généralement une évolution bénigne. À l’endroit du coup de griffe ou de la morsure, un nodule apparaît, sur​ lequel se formeront des vésicules. Environ un tiers des patients développent de la fièvre, des cé​phalées et une sensation générale de malaise. Des inflammations oculaires et des douleurs musculaires peuvent aussi se produire. Chez 2 % des patients, la maladie peut conduire à une méningite. Généralement, aucun traitement n’est indiqué. Chez les personnes dont les défenses immunitaires sont affaiblies, la maladie évolue souvent vers une forme plus sévère. Dans ce cas, le patient peut développer des nodules et des saignements au niveau de la peau, du foie et de la rate, pouvant conduire à une issue fatale. Dans ces cas, une antibiothérapie est indiquée. Le principal groupe à risque se compose de personnes en contact avec des chats dans leur vie privée ou dans le cadre professionnel.

Surveillance

La bartonellose n’est pas une maladie à déclaration obligatoire en Belgique. La surveillance est effectuée grâce aux données recueillies par deux sources. Depuis 2015, le centre national de référence (CNR) Bartonella, à savoir le laboratoire clinique de l’hôpital universitaire St Luc à Bruxelles qui exerçait déjà cette activité en qualité de laboratoire de référence. Depuis 2014, Bartonella henselae est également repris dans le réseau des laboratoires sentinelles.

Ce sont surtout les enfants et les jeunes adultes qui sont touchés. L’incidence annuelle observée en Wallonie est deux à trois fois supérieure à celle recensée en Flandre et environ deux fois supérieure à celle constatée à Bruxelles.

Pour en savoir plus: 

Surveillance des bartonelloses en Belgique, 2017

Surveillance des bartonelloses en Belgique, 2015-2016

Surveillance des bartonelloses en Belgique, 2013-2014.

Informations utiles

Informations générales:

Fiche d’information Bartonella CDC

Diagnostic:

Centre national de référence Bartonella

Scientifique responsable: ​​​​​​​​​​​​​​​​​​Katrien Tersago

 

Cat scratch disease is an infectious disease caused by the bacterium Bartonella henselae. Cats are the reservoir for B. henselae. People become infected after a bite or scratch from an infected cat, often a kitten. Fleas probably play an important role in transmission of B. henselae due to contamination of scratch and bite wounds by flea faeces. Direct transmission to humans resulting from a flea bite has never been described. B. henselae can probably also be transmitted by a bite from an infected tick, but the likelihood of this is low.
The infection generally takes a benign course. A nodule forms at the site of the scratch or bite and blisters then occur. Approximately one-third of patients have fever, headache and a feeling of general malaise. Eye inflammation and muscle pain can also occur. In 2% of patients, the disease can lead to meningitis. Treatment is not usually recommended. The disease often takes a more severe course in people with impaired resistance. Nodules and haemorrhages can occur in the skin, liver and spleen, possibly with a fatal outcome. In these cases, antibiotic treatment is recommended. The most important risk group are people who come into contact with cats in a domestic or occupational context.
B. henselae occurs throughout the world.
In addition to B. henselae, other species of Bartonella are also known to be pathogenic in humans, including B. quintana, B. bacilliformis and B. elizabethae.

Surveillance

Surveillance of Bartonella spp. takes place in Belgium via the sentinel laboratory network. The National reference laboratory for B. henselae is the clinical laboratory of St Luc University Hospital in Brussels.


Last modified: